Werkgroep locoregionaal

 


Locoregionale behandeling bij mamacarcinoom

Locoregionale behandeling bestaat uit chirurgie (operatie) en/of radiotherapie (bestraling). Er zijn twee soorten operaties mogelijk: één waarbij de borst gespaard blijft en één waarbij de borst geamputeerd wordt. Bij een borstsparende operatie wordt alleen de tumor uit de borst verwijderd met een randje gezond weefsel. Een borstsparende behandeling wordt altijd gecombineerd met bestraling. Bij een borstamputatie wordt de gehele borst verwijderd. Soms is het ook na een borstamputatie nodig om te bestralen.

Bij de operatie worden ook lymfeklieren in de oksel weggehaald. De kanker kan zich verspreiden via de lymfeklieren, zodat het belangrijk is om te kijken of de lymfeklieren kankercellen bevatten. Tegenwoordig wordt steeds vaker slechts een of enkele lymfeklieren verwijderd, Deze lymfeklier(en) worden ook wel de schildwachtklier(en) genoemd. Als er in de schildwachtklier(en) geen kankercellen worden gevonden, is de kans klein dat de kankercellen zich hebben verspreid en worden de andere lymfeklieren niet verwijderd uit de oksel.

Bestraling is een andere naam voor radiotherapie. De straling die op de tumor wordt gericht bevat veel energie. Die energie zorgt ervoor dat het DNA in de cellen beschadigd wordt. Kankercellen kunnen het DNA niet goed repareren waardoor de cel doodgaat. Gezonde cellen kunnen over het algemeen het genetische materiaal wel repareren.

 

Studieportfolio en nieuwe studievoorstellen

Er zijn momenteel drie lopende BOOG studies binnen dit indicatie gebied: Lumpectomie, LORD en de TOP-1 studie. 

In de TOP-1 een prospectieve registratiestudie, wordt bij oudere patiënten met zeer laag risico, dus zonder indicatie voor adjuvante systemische therapie, de radiotherapie weggelaten na borstsparende chirurgie. basis van onderzoek van afgelopen jaren is het TOP-consortium van mening dat het weglaten van bestraling de nieuwe standaard moet zijn. Het TOP-1-onderzoek toetst dit nieuwe beleid in een onderzoeksetting. 

Naast de TOP-1 die momenteel in opstart is, wordt hard nagedacht over de TOP-2-studie. Hierin zal worden gekeken of bij de groep patiënten met een iets hoger recidiefrisico na borstsparende chirurgie, de radiotherapie of hormonale therapie kan worden weggelaten, met als belangrijk eindpunt kwaliteit van leven. Mogelijk wordt dit een studie met drie groepen, deels een randomisatie en deels een prospectieve registratiestudie, waarbij de behandeling samen met de patiënt wordt gekozen na stratificatie met behulp van een genetisch risicoprofiel. Verder wordt gedacht een dergelijke studie aan te vullen met een keuzehulp.

Het doel van de lumpectomiestudie is overbehandeling van de oksel te voorkomen en het aantal complicaties door okselklierbehandeling te beperken, maar met gelijke ziektecontrole en algehele overleving. Primair eindpunt is het aantal regionale recidieven na vijf en 10 jaar follow-up. De TOP-1- en de Lumpectomie-studie kunnen niet worden gecombineerd.

De opzet en het doel van de LORD-studie werd internationaal zeer goed ontvangen. In juli 2018 is het sponsorschap van de EORTC overgenomen door het Antoni van Leeuwenhoek. Het BOOG Study Center is betrokken bij het verzamelen van documenten en organiseren van studiebijeenkomsten. Vanuit KWF-CKS is een subsidie toegekend voor het lokaal datamanagement uitgevoerd door het IKNL. Indien uw centrum interesse heeft in deelname aan de LORD-studie, neem dan contact op met het studieteam.

Samen beslissen; Eind 2014 werd een Alpe d’HuZes-subsidie verkregen om ‘Samen beslissen’ te ontwikkelen, te implementeren en te evalueren op drie belangrijke keuzemomenten voor borstkankerpatiënten:
1. Keuze borstsparende behandeling versus ablatio.
2. Keuze wel/geen bestraling bij patiënten met een relatief laag risico op een lokaal recidief.
3. Keuze voor de nazorgstrategie.
Voor keuzemoment 1 werd al een keuzehulp ontwikkeld,die nu verder wordt geëvalueerd.

Uitgebreide informatie over bovenstaande is te vinden in het Studieoverzicht onder Studies.

 

Studies op de schrijftafel 

Een studievoorstel, de zogenoemde BOLUS-studie, dat tijdens een plenaire BOOG-vergadering is gepresenteerd, is in december 2017 bij KWF ingediend voor subsidie. Het ging hierbij om een voorstel voor een gerandomiseerde studie die het gebruik van een bolus op de huid evalueert bij postmastectomiepatiënten die op de thoraxwand worden bestraald. Helaas is dit studievoorstel niet gehonoreerd voor het verkrijgen van een subsidie. Een studievoorstel uit het NKI van M-J. Vrancken-Peeters (MICRA-studie) is gestart in drie ziekenhuizen. In deze studie worden bij een radiologische remissie standaardbiopten genomen om te zien of pathologische remissie te voorspellen is. Deze studie zoekt aansluiting bij de BOOG. Verder zijn er nog andere voorstellen die binnenkort bij de BOOG worden besproken. Met de Deense onderzoekgroep DBCG is men in gesprek om eventueel als Nederland aan te haken bij een cohortstudie (Delayed-immediate vs delayed breast reconstruction in early breast cancer patients treated with mastectomy and adjuvant locoregional radiation therapy). Een andere mogelijkheid voor Nederland is om verder een studie te ontwikkelen aangaande pre-operatieve radiotherapie en reconstructie, mogelijk in samenwerking met Royal Marsden (PRADA-2). Een derde studievoorstel op de schrijftafel betreft kwaliteit-van-leven-evaluatie na contoursparende chirurgie. Verder zal er een brainstorm plaatsvinden over het opzetten van een landelijke registratiestudie. 

 

Vergaderingen

De werkgroep vergadert gemiddeld 2-4 keer per jaar via een teleconference en komt 1 keer per jaar bijeen. 

 

Presentaties

De werkgroep presenteert haar jaarplan, studieportfolio en nieuwe studievoorstellen op de plenaire BOOG vergaderingen die 2x per jaar plaatsvinden. De presentaties van het afgelopen jaar zijn te bekijken op het tabblad ‘Home - bijeenkomsten en documentatie' van deze website.